Bjorn de Leeuw / mail, © 2026
Hier de integrale tweede lezing met afbeeldingen, 'presenter notes' en wat linkjes, exclusief persoonlijke uitweidingen van geïmproviseerde en/of interjectionele aard. (Je had erbij moeten zijn...)
Hoofdpagina | Lezing 1: Ambacht en ambachtelijkheid| Lezing 2: Natuur en milieu | Lezing 3: Ruimte en beleving
Mens: rentmeester of heerser?
Christelijke imperatief : heers over de aarde en de dieren
—> beheers de wereld > planterstheologie > VOC / kolonialisme.
Chistelijk-historische imperatief : Monumenten van geschiedenis (en kunst) in het landschap. Koloniale erfenis.
Flevoland: gewonnen op de zee.
Cortelande Zuidplas : gewonnen op de inklinking en de elementen.
Next Nature: alles wat we maken.
Tineke van der Pauw Kraan : Singer Laren
- [ ] Darwin, Sinke en Van Tongeren: Art Zoo bij VA in Amsterdam. (zie ook Kunststof uitzending juni 2025)
- [ ] https://www.linkedin.com/posts/aldje_very-excited-to-announce-the-webinar-new-activity-7296183390251159552-u6QB?utm_source=share&utm_medium=member_desktop&rcm=ACoAAFIhBjsBNHRvOo2kly4TB-mv9QJmaAfmLLA Wat er gebeurt in een Bio Lab. Van WdKA.
Tineke van der Pauw Kraan : Singer Laren
- [ ] Darwin, Sinke en Van Tongeren: Art Zoo bij VA in Amsterdam. (zie ook Kunststof uitzending juni 2025)
- [ ] https://www.linkedin.com/posts/martjankuit_het-is-zaterdagavond-u-kunt-geen-kant-meer-activity-7304217580540493825-ZTB8?utm_source=share&utm_medium=member_desktop&rcm=ACoAAFIhBjsBNHRvOo2kly4TB-mv9QJmaAfmLLA De ecokathedraal in Mildam. Een leuke excursie?
- [ ] https://www.linkedin.com/posts/aldje_very-excited-to-announce-the-webinar-new-activity-7296183390251159552-u6QB?utm_source=share&utm_medium=member_desktop&rcm=ACoAAFIhBjsBNHRvOo2kly4TB-mv9QJmaAfmLLA Wat er gebeurt in een Bio Lab. Van WdKA.
Wachten op vogeltjes. Maar dit apparaat maakt dat wachten overbodig.
Koen van Mensvoort:
De essentie van zijn werk komt samen in de **Letter to Humanity**, een oproep aan de gehele wereldbevolking om technologie niet als een vijandige macht te zien, maar als ons eigen zelfportret. Hij moedigt ons aan om kritisch te blijven en bij elke technologische verandering de vraag te stellen: **"Vergroot dit mijn menselijkheid?"**. Van Mensvoort ziet de mens als een "katalysator van evolutie" die de verantwoordelijkheid heeft om een balans te vinden tussen de afnemende biosfeer en de opkomende technosfeer, om zo een toekomst te bouwen die natuurlijk aanvoelt voor alle levende wezens.
Tot rust komen in de kerstvakantie? Vijf tips voor natuurdwalen
Publicatiedatum 22-12-2025 | 11:08
Lummeltijd en de heilzame natuur.
> https://www.atlasleefomgeving.nl/nieuws/tot-rust-komen-in-kerstvakantie-vijf-tips-voor-natuurdwalen
Natuurdwalen heeft geen doel: dwalen ís het doel. Er is geen deadline, geen eindtijd, alleen jij en de natuur. Jezelf loslaten in de natuur en die gewoon ervaren. Het kan overal: in een park, in een bos of in een stukje stadsnatuur. Bij voorkeur dwaal je alleen. Gesprekken met anderen zijn gezellig, maar verstoren je focus. Het gaat om jouw gedachten, jouw rust en jouw hoofd.
Tot rust komen in de kerstvakantie? Vijf tips voor natuurdwalen
Publicatiedatum 22-12-2025 | 11:08
Lummeltijd en de heilzame natuur.
https://www.atlasleefomgeving.nl/nieuws/tot-rust-komen-in-kerstvakantie-vijf-tips-voor-natuurdwalen
Tot rust komen in de kerstvakantie? Vijf tips voor natuurdwalen
Publicatiedatum 22-12-2025 | 11:08
https://www.atlasleefomgeving.nl/nieuws/tot-rust-komen-in-kerstvakantie-vijf-tips-voor-natuurdwalen
💡 Dwaal je helder.
Wist je dat voor veel filosofen wandelen pure noodzaak was? Zonder beweging geen denken. Al lopend vallen lichaam en geest samen en ontstaat ruimte voor meer helderheid in je hoofd en nieuwe inzichten.
🏠 Dwaal om thuis te komen.
Maak een ‘deep map’ van een natuurgebied waar jij graag komt. Welke herinneringen, emoties, geluiden en geuren roept dit stukje natuur bij je op? Maak de verbinding met je leefomgeving èn met jezelf!
👧 Dwaal als Alice in Wonderland!
Vergeet vaste ideeën, grenzen en overtuigingen. Hervind het kind in jezelf en kijk met een open nieuwsgierige blik. Ontdek gezichtjes en verhalen in bomen. Verwonder je en zie wat je normaal niet ziet.
🧘 Dwaal om te ontstressen.
Zet je zintuigen aan het werk. Kijken is iets anders dan iets echt bewust ervaren. We kijken vaak zonder echt te zien. Bewust de natuur ervaren, is bewezen effectief tegen angst- en stressgevoelens.
👋 Dwaal om los te laten.
Het nieuwe jaar dient zich bijna aan. Dat nodigt uit tot bezinning. Wat laat je achter en wat neem je mee? Gebruik de natuur als decor voor je eigen loslaatritueel.
Twee aspecten aan de natuur:
Wie zijn wij in relatie tot de natuur? Heer of slaaf? Ontwerper of bezoeker?
Zijn we meester, dan maken we van natuur technologie en moeten we onderdrukken.
Zijn we slaaf, dan moeten we het tempo van de natuur overnemen en kunnen we ons eraan overgeven.
Het lot van de mens
We beginnen een nieuw jaar met nieuwe en goede voornemens
Dirk de Wachter stelt dat we ons teveel laten opjagen, we moeten in het moment zijn. Dus wachten zonder verwachting. Dat laat zich prima vergelijken met het ambachtelijke proces, je aan iets wijden.
En hoewel dat ook mijn boodschap was, vorige week, was het onaangenaam om door besneeuwd Amsterdam gegijzeld te worden.
Dat het een signaal was van de wereld bleek wel uit de enige trein die ik wél had kunnen nemen: die naar Zaandam.
De natuur, waarover wij als mensen beperkt controle hebben, gaf een signaal af. Die is groter dan wij zijn en is bovendien onverschillig.
En daar gaat het vandaag over: de relatie tussen mens en natuur.
Koert van Mensvoort kwam al in 2001 op televisie met ideeën over hoe de natuur technologisch aan het worden is, en hoe de technologie onze natuur aan het worden is. (https://www.youtube.com/watch?v=8DRmBFl3pLQ)
Terwijl we onze "oude" natuurgebieden, zoals de Oostvaardersplassen, volledig ontwerpen en beheren tot een vorm van "hypernatuur"—een simulatie die mooier en veiliger is dan de realiteit—ontstaan er nieuwe, ongecontroleerde fenomenen zoals computervirussen en complexe financiële systemen die zich gedragen als een onvoorspelbare natuurkracht.
Lotgevallen vorige week.
Lotgevallen vorige week.
Aandacht!! Een scherp stukje in NRC van 9 januari.
Ik vind dit hele kunstwerk, nu ik dichterbij kom, bij nader inzien een slap aftreksel van de kunst die Abramovic vroeger maakte. Schreeuwende, naakte, bloederige kunst. Slapen met een skelet op je blote lijf, bezoekers aan het huilen staren of ze dwingen zich tussen uitgeklede mensen door te persen. Of haar beruchte werk, Rhythm 0, waarin ze het publiek uitnodigde om met haar te doen wat het wilde, om binnen zes uur te eindigen met snijwonden in haar hals en iemand die een kogel door haar hoofd wilde jagen.
Rijst tellen om innerlijke kalmte te vinden is bedaard, het is nuffig, het is iets wat je in een mindfulness-cursus doet die je gratis wordt aangeboden door je werkgever. Ik zie mezelf in een parade van smaakvol geklede, zelfbewuste vrouwen, die met een aandachtige blik en een verzaligde glimlach rijstkorreltjes oppakken, gatverdamme.
Ik denk: vraag de garnalenpellers en sweatshop-naaisters op deze aarde eens of ze in het hier en nu leven, of ze innerlijk kalm zijn? Misschien moet ik daar een hard en snedig stuk over schrijven. Gelukkig heeft de fotograaf die een paar jaar geleden de hel van Kabul is ontvlucht, afgebeld, je kunt bij zo’n man toch niet aankomen met een stapeltje rijstkorrels in een toonzaal.
Sara Vrugt in samenwerking met Ensemble Klang
Maak je je zorgen om de natuur? Voel je soms wanhoop over de klimaatcrisis? Ervaar je verwarring, verdriet of verlies door alles wat verloren gaat? Je bent niet alleen.
Stap binnen in deze installatie, opgebouwd uit een dode kastanjeboom en honderden klingelende bellen. Bellen klinken bij feesten en bij de dood, om de tijd te markeren en voor het luiden van de noodklok.
Roerloos nodigt je uit om even te gaan liggen, stil te zijn en je ademhaling te laten vertragen.
Je hoort een klanklandschap met muziek en natuurgeluiden. Wanneer je je niet verroert zal de boom door haar wortels tot je spreken.
Roerloos is een interactief kunstwerk van beeldend kunstenaar Sara Vrugt in samenwerking met
Ensemble Klang. Een werk dat je niet alleen bekijkt maar daadwerkelijk beleeft.
Ensemble Klang is tijdens deze tentoonstelling ook live te horen. Meer informatie over deze bijzondere momenten is te vinden in het programma overzicht deze zaal.
—
Een serie zondagen met activiteiten en livemuziek, in de installatie. De vier zondagen vormen samen een geheel maar losse deelname is ook mogelijk.
Klimaatzorgen kunnen soms overweldigend zijn, maar ze laten ook zien hoeveel we geven om het leven om ons heen. Deze gevoelens kunnen ons juist aanmoedigen om in actie te komen voor het welzijn van de aarde. Tijdens het publieksprogramma bij Roerloos ontdek je hoe je eco-emoties kunt omzetten in positieve stappen. Het programma is gebaseerd op "Het werk dat weer verbindt" van activist en boeddhist Joanna Macy.
Elke editie is er live muziek van Ensemble Klang en gastspelers.
Fase 1: Dankbaarheid en openen
12 oktober 2025
Lezing en meditatie over de verbondenheid tussen mens en natuur.
Fase 2: Pijn voor de wereld erkennen
9 november 2025
Workshop waarin eco-emoties onderzocht worden en we oefenen met 'diep luisteren.
Fase 3: Met nieuwe ogen kijken
14 december 2025
Een opstelling over hoe vorige én toekomstige generaties onze blik op de wereld beinvloeden
Fase 4: Toepassen en voortgaan
22 februari 2026
Workshop gericht op hoop, kracht en actie. Gesprekken en creatieve opdrachten helpen om inzichten om te zetten in toekomstgerichte daden.
Prijs: €5 per keer, inclusief een drankje in Café Pierre.
Je bent van harte uitgenodig om aan meerdere bijeenkomsten deel te nemen, het is een doorlopend proces.
Tickets zijn verkrijgbaar via de website of scan de ar code
‘Ken uw plaats, mens.’
Het vluchtige krioelen van de mens onder mijn kruin, het jachtige handelen gericht op snel effect, het kappen kappen kappen voor iets wat hem zo handig likt.
Au.
Ken uw plaats, mens.
Eeuwen deed ik erover om hier te landen, te ontspruiten, weer en wind te doorstaan, me tegen hongerige hertenbekken te weren, met mijn wortels naar voeding te tasten, zoeken, vinden, me op te richten naar het licht en mijn stam te sterken.
Nu sta ik kranig, ogenschijnlijk stil, terwijl ik neem en ik geef, ik dien en word geholpen. Ik ben, essentieel.
Kom maar mens, laaf je maar. Leg je neer en laat je koesteren.
Adem
Natuur als therapie
Shinrin-yoku (森林浴) / Bosbad
Dat is natuur.
Nee. Wat is natuur? Er is niks!
Ten tijde van de Romantiek werd de natuur vaak gezien als een hogere macht en hogere orde. De mens had zich er naar te schikken; vaak in volle bewondering maar ook dikwijls met angst en beven voor het eigen leven. Een dierenrechtenactiviste bij de Oostvaardersplassen: “een fascistisch tekentafelexperiment.”
Het "gedoe" rondom het bijvoeren van grote grazers in de Oostvaardersplassen is voor Koert van Mensvoort een perfect voorbeeld van de spanning tussen onze verlangens naar "echte" natuur en de realiteit van wat hij **"hypernatuur"** of een **"cultuurreservaat"** noemt.
In de speculatieve en filosofische ideeën van Van Mensvoort past dit conflict op de volgende manieren:
* **Natuur als menselijk ontwerp:** Van Mensvoort benadrukt dat de Oostvaardersplassen geen ongerepte wildernis zijn, maar een **man-made landschap** op ingepolderde grond dat oorspronkelijk een industrieterrein was. De grote grazers zijn daar geplaatst als "geaccepteerde alternatieven" voor uitgestorven soorten (zoals het Schotse Hooglander-rund in plaats van de oeros) om een specifiek landschapsbeeld in stand te houden dat ons doet denken aan 17e-eeuwse schilderijen.
* **De simulatie van wildheid:** We willen dat de natuur er "wild" uitziet, maar we vinden het moeilijk om de **wreedheid en onvoorspelbaarheid** van echte natuur te accepteren. Het bijvoeren is een menselijke ingreep die voortkomt uit ons verlangen naar een **"hypernatuur"**: een natuur die mooier, gladder en vooral **veiliger** is dan de werkelijkheid. Van Mensvoort stelt dat we de dieren in theorie hun eigen plan laten trekken, maar zodra ze dreigen te verhongeren (wat natuurlijk gedrag is), grijpen we in omdat we niet willen dat wandelaars geconfronteerd worden met de dood.
* **Controle versus Autonomie:** Van Mensvoort stelt voor om de grens tussen natuur en cultuur opnieuw te definiëren: **cultuur is wat we controleren, natuur is wat autonoom is**. Door de grazers bij te voeren en dode dieren te verwijderen, halen we de autonomie weg en plaatsen we het reservaat stevig in de categorie "cultuur in vermomming". Het is een vorm van **"recreatieve simulatie"** geworden; een soort Disneyland voor volwassenen waar de natuur onder strikt beheer staat van ambtenaren.
* **De paradox van "Nieuwe Natuur":** Het conflict laat zien dat onze blik op natuur een **"retro-effect"** is. We proberen een verloren wereld te herstellen door deze actief te ontwerpen, maar zodra we moeten ingrijpen om de dieren in leven te houden, wordt pijnlijk duidelijk dat we naar een beeld van de natuur kijken (als een schilderij boven de bank) in plaats van naar een zelfvoorzienend systeem.
Je kunt de Oostvaardersplassen in de visie van Van Mensvoort vergelijken met een **openluchtmuseum**: we hebben de decors en de figuranten (de grazers) zorgvuldig gekozen om een verhaal over het verleden te vertellen. Zodra de acteurs buiten hun script treden door te verhongeren, grijpt de regisseur (de boswachter) in om het schouwspel voor het publiek acceptabel te houden.
Dat is natuur.
Nee. Wat is natuur? Er is niks!
Ten tijde van de Romantiek werd de natuur vaak gezien als een hogere macht en hogere orde. De mens had zich er naar te schikken; vaak in volle bewondering maar ook dikwijls met angst en beven voor het eigen leven. Een dierenrechtenactiviste bij de Oostvaardersplassen: “een fascistisch tekentafelexperiment.”
Het "gedoe" rondom het bijvoeren van grote grazers in de Oostvaardersplassen is voor Koert van Mensvoort een perfect voorbeeld van de spanning tussen onze verlangens naar "echte" natuur en de realiteit van wat hij **"hypernatuur"** of een **"cultuurreservaat"** noemt.
In de speculatieve en filosofische ideeën van Van Mensvoort past dit conflict op de volgende manieren:
* **Natuur als menselijk ontwerp:** Van Mensvoort benadrukt dat de Oostvaardersplassen geen ongerepte wildernis zijn, maar een **man-made landschap** op ingepolderde grond dat oorspronkelijk een industrieterrein was. De grote grazers zijn daar geplaatst als "geaccepteerde alternatieven" voor uitgestorven soorten (zoals het Schotse Hooglander-rund in plaats van de oeros) om een specifiek landschapsbeeld in stand te houden dat ons doet denken aan 17e-eeuwse schilderijen.
* **De simulatie van wildheid:** We willen dat de natuur er "wild" uitziet, maar we vinden het moeilijk om de **wreedheid en onvoorspelbaarheid** van echte natuur te accepteren. Het bijvoeren is een menselijke ingreep die voortkomt uit ons verlangen naar een **"hypernatuur"**: een natuur die mooier, gladder en vooral **veiliger** is dan de werkelijkheid. Van Mensvoort stelt dat we de dieren in theorie hun eigen plan laten trekken, maar zodra ze dreigen te verhongeren (wat natuurlijk gedrag is), grijpen we in omdat we niet willen dat wandelaars geconfronteerd worden met de dood.
* **Controle versus Autonomie:** Van Mensvoort stelt voor om de grens tussen natuur en cultuur opnieuw te definiëren: **cultuur is wat we controleren, natuur is wat autonoom is**. Door de grazers bij te voeren en dode dieren te verwijderen, halen we de autonomie weg en plaatsen we het reservaat stevig in de categorie "cultuur in vermomming". Het is een vorm van **"recreatieve simulatie"** geworden; een soort Disneyland voor volwassenen waar de natuur onder strikt beheer staat van ambtenaren.
* **De paradox van "Nieuwe Natuur":** Het conflict laat zien dat onze blik op natuur een **"retro-effect"** is. We proberen een verloren wereld te herstellen door deze actief te ontwerpen, maar zodra we moeten ingrijpen om de dieren in leven te houden, wordt pijnlijk duidelijk dat we naar een beeld van de natuur kijken (als een schilderij boven de bank) in plaats van naar een zelfvoorzienend systeem.
Je kunt de Oostvaardersplassen in de visie van Van Mensvoort vergelijken met een **openluchtmuseum**: we hebben de decors en de figuranten (de grazers) zorgvuldig gekozen om een verhaal over het verleden te vertellen. Zodra de acteurs buiten hun script treden door te verhongeren, grijpt de regisseur (de boswachter) in om het schouwspel voor het publiek acceptabel te houden.
Ten tijde van de Romantiek werd de natuur vaak gezien als een hogere macht en hogere orde. De mens had zich er naar te schikken; vaak in volle bewondering maar ook dikwijls met angst en beven voor het eigen leven. Een dierenrechtenactiviste bij de Oostvaardersplassen: “een fascistisch tekentafelexperiment.”
Het "gedoe" rondom het bijvoeren van grote grazers in de Oostvaardersplassen is voor Koert van Mensvoort een perfect voorbeeld van de spanning tussen onze verlangens naar "echte" natuur en de realiteit van wat hij **"hypernatuur"** of een **"cultuurreservaat"** noemt.
In de speculatieve en filosofische ideeën van Van Mensvoort past dit conflict op de volgende manieren:
* **Natuur als menselijk ontwerp:** Van Mensvoort benadrukt dat de Oostvaardersplassen geen ongerepte wildernis zijn, maar een **man-made landschap** op ingepolderde grond dat oorspronkelijk een industrieterrein was. De grote grazers zijn daar geplaatst als "geaccepteerde alternatieven" voor uitgestorven soorten (zoals het Schotse Hooglander-rund in plaats van de oeros) om een specifiek landschapsbeeld in stand te houden dat ons doet denken aan 17e-eeuwse schilderijen.
* **De simulatie van wildheid:** We willen dat de natuur er "wild" uitziet, maar we vinden het moeilijk om de **wreedheid en onvoorspelbaarheid** van echte natuur te accepteren. Het bijvoeren is een menselijke ingreep die voortkomt uit ons verlangen naar een **"hypernatuur"**: een natuur die mooier, gladder en vooral **veiliger** is dan de werkelijkheid. Van Mensvoort stelt dat we de dieren in theorie hun eigen plan laten trekken, maar zodra ze dreigen te verhongeren (wat natuurlijk gedrag is), grijpen we in omdat we niet willen dat wandelaars geconfronteerd worden met de dood.
* **Controle versus Autonomie:** Van Mensvoort stelt voor om de grens tussen natuur en cultuur opnieuw te definiëren: **cultuur is wat we controleren, natuur is wat autonoom is**. Door de grazers bij te voeren en dode dieren te verwijderen, halen we de autonomie weg en plaatsen we het reservaat stevig in de categorie "cultuur in vermomming". Het is een vorm van **"recreatieve simulatie"** geworden; een soort Disneyland voor volwassenen waar de natuur onder strikt beheer staat van ambtenaren.
* **De paradox van "Nieuwe Natuur":** Het conflict laat zien dat onze blik op natuur een **"retro-effect"** is. We proberen een verloren wereld te herstellen door deze actief te ontwerpen, maar zodra we moeten ingrijpen om de dieren in leven te houden, wordt pijnlijk duidelijk dat we naar een beeld van de natuur kijken (als een schilderij boven de bank) in plaats van naar een zelfvoorzienend systeem.
Je kunt de Oostvaardersplassen in de visie van Van Mensvoort vergelijken met een **openluchtmuseum**: we hebben de decors en de figuranten (de grazers) zorgvuldig gekozen om een verhaal over het verleden te vertellen. Zodra de acteurs buiten hun script treden door te verhongeren, grijpt de regisseur (de boswachter) in om het schouwspel voor het publiek acceptabel te houden.
Vroeger was de mens de speelbal van de natuur. Hij kon weinig inbrengen tegen het geweld van de elementen. En het geweld van de machines en apparaten van de industriële revolutie deed die mens bedenken dat hij over gevoel beschikte. Hij voelde zich verdrongen in de vaart der volkeren. Het gevoel dat hoort bij die tijd wordt uitgedrukt in de romantiek, een denkstroming die de mens als uitgangspunt neemt, waarbij die mens zich vooral geconfronteerd ziet met de wildernis.
Romantiek is van alle tijden, dat toont ook dit college over de mens versus de natuur aan.
Paul Gabriël
Een wetering bij Abcoude, 1878
Olieverf op doek
We zien vissers in een Hollands polderlandschap. Enkele koeien in de wei, aan de horizon boerenschuren en een eenzame molen. Vogels in de lucht. Romantisch.
Zo romantisch als het landschap mag overkomen. Het is geheel kunstmatig tot stand gebracht. Het oogmerk van de makers ervan was louter economisch. Vanaf de middeleeuwen werd het veen afgegraven en werden de plassen droog gemalen. Omwille van het rendement werd stapsgewijs steeds efficiënter gewerkt. Sloten werden langs een liniaal gelegd. De eenvormige kavels systematisch genummerd en zorgvuldig geadministreerd. Er moest een kaarsrechte weg doorheen. De middenweg. Een kruis weg noemde je dan kruisweg bijvoorbeeld.
Het nieuwe land bleek echter vatbaar voor verzilting. Uiteindelijk groeide er alleen nog maar gras. Graan om brood van te bakken moest van overzee komen. Misschien kon kaas en vee geruild worden. Het was een schot in de roos. Door de handel met havensronde Oostzee oefenden de Hollanders hun maritieme vaardigheden. Uiteindelijk ontwikkelden zij zichzelf tot de machtigste vrachtvaders van de internationale wateren.
Hollanders zijn nuchter en zakelijk, zegt het cliché. Het land waarin zij wonen bracht hij daartoe. Als het Wout de Duitse identiteit zou hebben gevormd, dan geldt dit weilerland als vormgever van de Hollandse identiteit. Paul Gabriël was daar niet zo mee bezig. Hij schetste een geheel andere kant. Je kan er ook gewoon van genieten.
Een kunstmatig landschap, het lijkt natuur maar niets is minder waar. Uiterst efficient en elk onderdeel van het landschap verwijst daarnaar.
Het moeras is afgegraven, de sloten leiden het water weg, de molen pompt de polder droog, en op het nieuwe land groeit gras. Geen graan. Hier kun je koeien op kwijt, en die leveren zuivel. De Nederlander doet er zijn voordeel mee: hij verhandelt het.
In Duitsland maakt het bos de volksaard, een sprookjesachtig en pittoresk decor. In Nederland is het plat en kaal en moet met pragmatisch zijn.
Gebrek aan diversiteit in door ons gefiatteerde gewassen. Esthetische normen: natuur is consumptie en productie. Vroeger nog bouwmateriaal, nu decor.
Country Road near Laren, (Province of North Holland)
Willem Roelofs (I), 1870 - 1897
Landweg bij Laren, Noord-Holland. Een landweg met karrensporen leidt door een bos. Een vrouw loopt met een takkenbos op haar hoofd.
De bomen. Hoe staan ze? We zien een bos dat is aangeplant. Waarschijnlijk een productiebos.
Helemaal aan de linkerkant zien we dennen verdeeld in drie vakken.
• Eerst dunne staakjes dicht op elkaar. Ze zijn vrij jong. Ik schat rond de 20 jaar.
• Direct daarnaast zie je nog een groep. Zo'n 10 jaar ouder.
• En verderop weer een vak. Ik vermoed dat die ook ietsjes ouder zijn.
Aan de rechterkant zien we vier loofbomen. Netjes in een rechter rij. Duidelijk door mensen geplant. Ik denk dat het populieren zijn. Het zouden ook berken kunnen zijn, maar dan zou de bast veel witter zijn. Daaronder zie je aardig wat struiken. Achter de bomen vind je weer naaldbomen.
Zo te zien is het lente. De bomen zijn mooi groen. Bij de populieren zie je al wat prille plaatjes. Maar ik denk vooral dat het lente is omdat ik gele bloemetjes zie. Die zie je het meest in het voorjaar. Denk aan wilgerkatjes, gele lis of brem of hazelaar.
Wat verder opvalt is een breed pad. Waarom zo breed? Je zou kunnen denken dat het een brandpad is, zodat een fik niet overslaat van het ene bosvak naar het andere. Eerder denk ik dat het een schapendreef is. Dat zie je ook aan de sporen in het pad waar de schapen netjes gelopen hebben of juist eerder aan het gras waar ze duidelijk nog niet hebben gelopen.
Tot slot de man of is het een vrouw? Wat draagt hij? Is het hooi? Is het sprokkelhout? Zijn het wilgetenen? Of een zeer moderne hoed voor die tijd? Dat laat ik aan uw fantasie over.
Bossen van Speuld. Consumptienatuur.
Een asfaltpad met een bocht erin.
Genesis 1:28
Dingen in de ruimte die haast geen kunst lijken. Bomen op volgorde gezet door Martin Creed. Levende sculptuur.
Maar ook: het museum als attractie. Een perfect geconditioneerde omgeving om je te verleiden naar moeilijke kunst te komen kijken. En ook een investeringsmodel voor de allerrijksten.
Het "gedoe" rondom het bijvoeren van grote grazers in de Oostvaardersplassen is voor Koert van Mensvoort (1974) een perfect voorbeeld van de spanning tussen onze verlangens naar "echte" natuur en de realiteit van wat hij **"hypernatuur"** of een **"cultuurreservaat"** noemt.
In de speculatieve en filosofische ideeën van Van Mensvoort past dit conflict op de volgende manieren:
* **Natuur als menselijk ontwerp:** Van Mensvoort benadrukt dat de Oostvaardersplassen geen ongerepte wildernis zijn, maar een **man-made landschap** op ingepolderde grond dat oorspronkelijk een industrieterrein was. De grote grazers zijn daar geplaatst als "geaccepteerde alternatieven" voor uitgestorven soorten (zoals het Schotse Hooglander-rund in plaats van de oeros) om een specifiek landschapsbeeld in stand te houden dat ons doet denken aan 17e-eeuwse schilderijen.
* **De simulatie van wildheid:** We willen dat de natuur er "wild" uitziet, maar we vinden het moeilijk om de **wreedheid en onvoorspelbaarheid** van echte natuur te accepteren. Het bijvoeren is een menselijke ingreep die voortkomt uit ons verlangen naar een **"hypernatuur"**: een natuur die mooier, gladder en vooral **veiliger** is dan de werkelijkheid. Van Mensvoort stelt dat we de dieren in theorie hun eigen plan laten trekken, maar zodra ze dreigen te verhongeren (wat natuurlijk gedrag is), grijpen we in omdat we niet willen dat wandelaars geconfronteerd worden met de dood.
* **Controle versus Autonomie:** Van Mensvoort stelt voor om de grens tussen natuur en cultuur opnieuw te definiëren: **cultuur is wat we controleren, natuur is wat autonoom is**. Door de grazers bij te voeren en dode dieren te verwijderen, halen we de autonomie weg en plaatsen we het reservaat stevig in de categorie "cultuur in vermomming". Het is een vorm van **"recreatieve simulatie"** geworden; een soort Disneyland voor volwassenen waar de natuur onder strikt beheer staat van ambtenaren.
* **De paradox van "Nieuwe Natuur":** Het conflict laat zien dat onze blik op natuur een **"retro-effect"** is. We proberen een verloren wereld te herstellen door deze actief te ontwerpen, maar zodra we moeten ingrijpen om de dieren in leven te houden, wordt pijnlijk duidelijk dat we naar een beeld van de natuur kijken (als een schilderij boven de bank) in plaats van naar een zelfvoorzienend systeem.
Je kunt de Oostvaardersplassen in de visie van Van Mensvoort vergelijken met een **openluchtmuseum**: we hebben de decors en de figuranten (de grazers) zorgvuldig gekozen om een verhaal over het verleden te vertellen. Zodra de acteurs buiten hun script treden door te verhongeren, grijpt de regisseur (de boswachter) in om het schouwspel voor het publiek acceptabel te houden.
GSM Boom bij Bloemendaal. In 2020 opgeruimd.
We troffen Koert van Mensvoort in de duinen van Bloemendaal. We bezochten de als boom vermomde GSM-masten wandelden tussen de Schotse hooglanders. Deze acteren voor de bezoekers van het natuurgebied, in de 17e eeuw liepen er namelijk andere runderen maar die zijn helaas uitgestorven. — https://www.frankwatching.com/archive/2009/06/27/video-doc-koert-van-mensvoort-van-next-nature/
Ik gaf af op de nepidentiteit van Zaandam:
Wat is de natuur nog?
Oostvaardersplassen: Mensen die zich buiten de natuur wanen: Oostvaardersplassen is ‘hypernatuur’, een simulatie die mooier en veiliger is dan de natuur. De grote grazers zijn daar geplaatst als "geaccepteerde alternatieven" voor uitgestorven soorten (zoals het Schotse Hooglander-rund in plaats van de oeros) om een specifiek landschapsbeeld in stand te houden dat ons doet denken aan 17e-eeuwse schilderijen.
Vergelijk ook met Inverdan in Zaandam: een identiteit die échter is dan de werkelijkheid. —> Future of Truth: ordening van werkelijkheid om tot de waarheid te komen.
In the Expanding China series, I returned to my fascination with chinaware. Humanity has a long tradition of making and decorating ceramics. I love the contrast between the polished porcelain and the handmade natural elements I add. Over the years I developed my own techniques to create bonsai trees moss and flowers.
I combine the Asian arts of ikebana, bonsai and penjing with antique porcelain. In the Netherlands, Eastern influence has a long history: even Delft Blue began as an imitation of Chinese and Japanese porcelain. I often use these “imitations” and merge them with my handmade natural forms.
Inspired by the Japanese art of kintsugi, I treat cracks and breakage as part of an object’s history. In my work, nature seems to take over that role—growing through these cultural remnants and reshaping them into something new.
Gelijkenissen tussen groepsgedrag van mensen en actoren in systemen (verkeer, memes, koersen, kunstprijzen) met de natuur (gassen, vloeistoffen, kwantummechanica) —> Philip Ball Critical Mass.
De stad is een organisme. Superorganismes: ook grote bedrijven.
En mensen die zich buiten de natuur wanen: Oostvaardersplassen is ‘hypernatuur’, een simulatie die mooier en veiliger is dan de natuur. Vergelijk ook met Inverdan in Zaandam: een identiteit die échter is dan de werkelijkheid. —> Future of Truth: ordening van werkelijkheid om tot de waarheid te komen.
In de 21e eeuw is onze blik op natuur fundamenteel gekanteld; we zien natuur niet langer als een statisch, "groen" decor buiten onszelf, maar als een dynamisch proces waarin technologie de hoofdrol speelt. Koert van Mensvoort stelt dat de traditionele scheidslijn tussen wat "geboren" (natuur) en wat "gemaakt" (cultuur) is, in sneltreinvaart vervaagt. Hij introduceert de filosofie van **Next Nature**, waarin technologie zo alomtegenwoordig, complex en autonoom wordt dat we het als een natuur op zich gaan ervaren. Terwijl we onze "oude" natuurgebieden, zoals de Oostvaardersplassen, volledig ontwerpen en beheren tot een vorm van **"hypernatuur"**—een simulatie die mooier en veiliger is dan de realiteit—ontstaan er nieuwe, ongecontroleerde fenomenen zoals computervirussen en complexe financiële systemen die zich gedragen als een onvoorspelbare natuurkracht.
Om deze integratie van technologie in ons leven te duiden, hanteert Van Mensvoort de **Piramide van Technologie**, een model dat in zeven stappen beschrijft hoe innovaties van een abstracte droom transformeren naar een onzichtbaar onderdeel van onze biologie. Aan de basis staan visioenen zoals de tijdmachine, terwijl de top bestaat uit technologieën die **"genaturaliseerd"** zijn, zoals het alfabet, kleding en de kookkunst. In Van Mensvoorts ogen zijn wij mensen **"technologisch van nature"**; we gebruiken al honderdduizenden jaren gereedschappen om onze fragiele fysieke gesteldheid te compenseren en onze omgeving vorm te geven.
Zijn artistieke projecten fungeren als een laboratorium voor deze ideeën. Met de **NANO Supermarket** presenteert hij speculatieve producten, zoals magnetische verf die van kleur verandert via een smartphone, om ons te laten nadenken over welke technologische toekomst we daadwerkelijk wensen. In **The In Vitro Meat Cookbook** verkent hij de culturele impact van kweekvlees aan de hand van 45 recepten voor gerechten die nu nog niet bereid kunnen worden, zoals "gebreid vlees" of vleesparels voor in de soep. Deze speculatieve ontwerpen dagen ons uit om positie te kiezen in een wereld waarin de grens tussen biologie en techniek verdwijnt.
Van Mensvoort benadert technologie niet louter als gereedschap, maar als een co-evoluerende soort. In zijn essay **"Razorius Gilletus"** beschrijft hij hoe de evolutie van het scheermes de wetten van de biologie volgt, waarbij producten zich aanpassen aan hun "ecosysteem" van de consumentenmarkt. Tegelijkertijd waarschuwt hij in de **"Society of Simulations"** dat we leven in een wereld waarin beelden en simulaties vaak meer autoriteit en betekenis hebben dan de fysieke realiteit die ze vertegenwoordigen.
De essentie van zijn werk komt samen in de **Letter to Humanity**, een oproep aan de gehele wereldbevolking om technologie niet als een vijandige macht te zien, maar als ons eigen zelfportret. Hij moedigt ons aan om kritisch te blijven en bij elke technologische verandering de vraag te stellen: **"Vergroot dit mijn menselijkheid?"**. Van Mensvoort ziet de mens als een "katalysator van evolutie" die de verantwoordelijkheid heeft om een balans te vinden tussen de afnemende biosfeer en de opkomende technosfeer, om zo een toekomst te bouwen die natuurlijk aanvoelt voor alle levende wezens.
Zijn visie laat zich vergelijken met een vogel die een nest bouwt: hoewel het nest "gemaakt" is, beschouwen we het als natuur; Van Mensvoort vraagt ons om met diezelfde blik naar onze eigen wolkenkrabbers, netwerken en genetica te kijken, als de volgende fase in de evolutie van het leven op aarde.
Het naakt geconceptualiseerd in een Gloria Friedmannvormig silhouet dat doorkijkt naar een pagina in het telefoonboek van Friedman(n)s. Wij zijn data, onze namen zijn een deel van de code waaruit we bestaan.
https://www.youtube.com/watch?v=AloUPhpuBN0
The Woods Smell of Shampoo
TV Documentary, 2001
Named after the story of a city girl that washes her hair with pine-needle shampoo and one day walks in the woods with her daddy says “Daddy! The Woods Smell of Shampoo”, the Dutch VPRO documentary investigates how media became the filters through which we experience the world around us.
Media experiences are often more satisfying than real experiences. Do we still have real experiences or are all our feelings and thoughts shaped by media technologies? And if that’s the case, how bad is this anyhow?
In 2001, when The Woods Smell of Shampoo was broadcasted on Dutch television, much of its statements were considered preposterous. Over time the film has gained a certain luster – if only for being Next Nature avant la lettre.
In the Expanding China series, I returned to my fascination with chinaware. Humanity has a long tradition of making and decorating ceramics. I love the contrast between the polished porcelain and the handmade natural elements I add. Over the years I developed my own techniques to create bonsai trees moss and flowers.
I combine the Asian arts of ikebana, bonsai and penjing with antique porcelain. In the Netherlands, Eastern influence has a long history: even Delft Blue began as an imitation of Chinese and Japanese porcelain. I often use these “imitations” and merge them with my handmade natural forms.
Inspired by the Japanese art of kintsugi, I treat cracks and breakage as part of an object’s history. In my work, nature seems to take over that role—growing through these cultural remnants and reshaping them into something new.
De andere zijde: het verval.
Ook haast niet figuratief in alle abstracte vormen van kleuren. Rococo was de tijd van de zinnelijkheid, het lichaam, de tijd van De Sade en andere Franse decadentie. Schilderijen over mannen en vrouwen in nevelig liefdesspel verzonken, dat is rococo. Niet denken maar voelen. De lust van het vlees, als tegenhanger van de verlichting, is niet ver verwijderd van de ellende van het verval. Stillevens leren ons dat de schoonheid van bloei en groei zich bevindt tussen seks en dood. De kleine stukjes die wij eruit isoleren en “mooie natuur” noemen zijn amper representatief te noemen voor wat de hele natuur is.
Kunnen we in de 21e eeuw nog ongestraft schoonheid isoleren uit de smerige bende die natuur is? Hebben kunstenaars niet meer verantwoordelijkheid dan ons esthetisch genoegen te verlenen?
Margriet Smulders (Bussum, 1955) laat de mensenfiguren achterwege, maar biedt ons wel een poëtisch paradijs waarbij de dichtregels van Shakespeare bijna gemeengoed zijn. Wie goed kijkt naar haar foto’s echter zal merken hoe die paradijselijke schoonheid niets anders is dan een constructie in een waterbak. Ze heeft haar eigen poëtische natuur letterlijk gecreëerd. Ook bij haar met deels ontleningen uit de natuur en deels lenend uit de schilderkunst zoals die van de zeventiende eeuw.
Die nieuwe waterbak deed zijn intrede in 2012. Toen had ze in middels al vanaf 1999 met de oude waterbak gewerkt. Hier ter afsluiting van haar een 'oudje'. Het laat ons onder andere weer de abstrahering zien en de kleurenpracht. Het toont ook weer de interesse die verder teruggaat dan 17e eeuw en Shakespeare: de mythische wereld van de oudheid. de waterbak, aangevuld met spiegel, glasobjecten en organisch materiaal neemt ons weer mee naar een andere wereld verklonken met oude cultuur en de orde van de natuur.
Het werk toont ook iets anders: waar Smulders bewust kan kiezen voor cibachrome, kiezen de makers van de catalogi vaak voor andere drukprocessen, waardoor in dit geval er veel verloren gaat van het werkelijke kunstwerk. Het is goed om de cursisten dat te laten beseffen..
In 2023 in premiere gegaan met zijn eerste bioscoopfilm, Nummer achttien. Daarvoor een ernstig ongeluk gehad waar hij lang van heeft moeten rehabiliteren. Hij was en is weer een topatleet die niet stil kan blijven zitten, anders nemen zijn gedachten het over. In veel van zijn werk zie je hem dan ook haast bovenmenselijke inspanningen leveren, of er een poging toe doen. In zijn videowerk combineert hij (denk)sport, muziek en performance als een moderne en afgetrainde Bas Jan Ader.
Hij is wel het meest bekend met een werk van door die tijd, Nummer acht, dat een improvisatie was naar aanleiding van het geweld van een ijsbreker die hem naar de zuidpool bracht. Daar maakte hij een andere film, een ander project, waarbij Van der Werve 24 uur lang, in de pooldag, met de zon mee zou draaien en dus niet mee zou bewegen met de aarde.
Dit werk gaat over de polariteit tussen de kleine mens en het oppervlak waar wij, als mensen, op leven. Een dun membraan dat ons boven water houdt, maar dat scheurt in letterlijke en figuurlijke zin en waarmee we onze ondergang tegemoet gaan. Dan hebben we het over klimaat, industrie en globalisering. Het grote gevaar nadert ons in de rug, maar we lijken er doof voor te willen zijn.
Twaalf grote ijsblokken, afkomstig van het Groenlandse ijspak en verzameld in een fjord bij Nuuk, zijn naar Kopenhagen verscheept en in een klokformatie voor het stadhuis gelegd. Van 26 tot 29 oktober 2014 werd hiermee de publicatie van het vijfde IPCC-rapport aangekondigd. In die rapporten wordt de toestand van het klimaat wetenschappelijk doorgezaagd en, spoiler alert, het gaat niet best. De blokken smolten, onder meer door klimaatverandering, en kondigden aan dat we nog maar beperkt tijd hebben om iets te doen. Een fysieke wake-up call. Het ijs smelt, de zeespiegel stijgt, het wordt warmer. In 2018 herhaald bij Tate Modern.
Dit kunstwerk lijkt op een 17e-eeuws schilderij. Die citroen en dat ei, zo precies op tafel gelegd, passen perfect bij de stillevens die Nederlandse en Vlaamse meesters in die tijd maakten. Maar plastic – dat hier ook te zien is – ontstond pas in het begin van de 20e eeuw. En hoewel het onmisbaar is in het moderne leven, is het tegelijkertijd ook een van de grootste problemen ter wereld geworden.
City Bird maakt deel uit van de tentoonstelling 'Oesters en Citroenen' in het Muiderslot, die te zien is van 2 september tot half november 2022.
Over het sublieme: Eliasson probeert datzelfde met een monumentaal project waarin hij de zon reproduceert in de turbinehal van Tate in Londen. In deze ruimte worden monumentale zaken tentoongesteld en dit zal maatwerk zijn geweest. Er hangt niet echt een zon, maar een lichtgevend bolkwart met spiegels boven en achter. Het resultaat is een magistraaaaaaaale straaaaaaalende zonnnnnnn (Johnny van Doorn) die angst en ontzag inboezemt. Ergo: subliem. Kunst als ervaring.
Animal laborans: tobbende mens, dagelijkse strijd tegen kleinigheden
Homo faber: makende mens, het levenswerk aan het volbrengen.
De statische objecten waar pre-Darwin in gedacht wordt (het klokkenspel, de mens als kroon op de schepping, de wereld als voltooid en afgerond) maken van de homo faber een wezen dat in zijn scheppende vermogen concrete bijdragen levert aan die omgeving. Het denken in ontwikkeling, post-Darwin, maakt van precies diezelfde objecten en bijdragen stappen in een groter proces van ontwikkeling.
Er wordt niet meer gedacht in eindresultaten maar in processen. De homo faber wordt de bouwer van het “human artifice”, het menselijk project of werk dat bestaat uit de doorlopende inspanningen en bijdragen aan de ontwikkeling van de soort.
Homo faber ontwikkelt (niet daartoe, maar erin) terloops en onbedoeld instrumenten. De objecten die ontstaan zijn dus halffabrikaten (op zijn best) en middelen. De gebruikswaarde van de objecten/processen van de homo faber zit dan in de mate van prikkel voor productiviteit die pijn en inspanning vermindert. Dan verschuift de standaard van nut of gebruik naar geluk: “de hoeveelheid pijn of genot ervaren in de productie of consumptie van dingen.”
Dat leidt weer naar een vertaling van de waarden van homo faber naar de waarden van de animal laborans: subjectieve ervaringen. Pijn en plezier van mensen, het louter biologische leven dat het voornaamste wordt en het human artifice dat uit het zicht verdwijnt.
Homo sacer: verval en bederf zijn taboe. Mensen die leven, ongeacht de omstandigheden, moeten bewaard.
Ooit was de dood een taboe, nu leven we in stervensontkenning. We moeten naar “slow dying”, aldus Frits de Lange in Trouw.
Hedendaags filosoof Giorgio Agamben schrijft over de figuur van de homo sacer, de heilige mens. In onze strijd het lijden uit te bannen creëren we iets anders, wat Agamben het ‘naakte leven’ noemt. Dat is een bestaan ontdaan van allerlei facetten die wij karakteristiek menselijk achten, zoals de rede en een eigen wil. Denk aan mensen die hoogdement zijn of aan comapatiënten.
Nuance van de moderne theologen luidt dat wat je moet beheersen je eigen innerlijke natuur is. Kun je die bedwingen, dan ben je een verlicht mens. Het ligt eraan hoe je leest: vanuit een moderne democratie of vanuit een agrarisch-nomadische gemeenschap in de oudheid. Als een metaforische, symbolische vertelling, of als concreet en aanschouwelijk.
—> Trek je dat democratische door, dan kom je bij de Ambassade van de Noordzee.
En wie konden er uberhaupt lezen? En is het wat dat betreft niet ongelukkig te noemen dat de minst intellectueel begaafde, die in concreet en aanschouwelijk moet denken, dit soort teksten te lezen krijgt en dus langs de kortste weg interpreteert?
Eduardo Kac (Rio de Janeiro, 1962) was aan het begin van de 21e eeuw de grensverleggende kunstenaar die de term Bio Art muntte en er diverse innovaties in deed. Genesis is wat hij een transgeen kunstwerk noemt. Dat betekent zoveel als een opzettelijke samenstelling te zijn van verschillende biologische, genetische elementen om tot een nieuwe genetische compositie te komen om een artistiek standpunt of esthetisch effect te illustreren. Het verkent de verwevenheid van biologie, geloofssystemen, informatietechnologie, interactie, ethiek en het internet.
We zien hier een “kunstenaars-gen”. Een synthetisch gen dat is ontstaan uit de vertaling van een zin uit het Bijbelboek Genesis naar Morsecode en die weer vertaald naar de vier letters waarmee DNA wordt gecodeerd.
De tekst luidt, uit de Engelse bijbel: “Let man have dominion over the fish of the sea, and over the fowl of the air and over every living thing that moves upon the earth.” Het illustreert de dubieuze bijbelse aansporing voor de mens om zich boven de natuur te stellen.
Een DNA-molecuul bestaat uit twee lange strengen van nucleotiden, die in de vorm van een dubbele helix met elkaar vervlochten zijn. DNA bevat vier verschillende nucleotiden met de nucleobasen adenine, thymine, guanine en cytosine, die afgekort worden met respectievelijk de letters A, T, G en C.
Iteraties, cycli, de mens en de natuur doorlopen ze eindeloos. Maar we leggen teveel de nadruk op onze eigen iteratie en denken niet na over de volgende. Tot het te laat is. Waarom nemen we kinderen?
In het kruisen ontstaat diversiteit. Niet alleen kruist Vanmechelen de kippen, ook de ruimte en de lokale geschiedenis en de mensen in de omgeving met dagjesmensen kruist hij. Hij is niet alleen op genetisch maar ook memetisch en epigenetisch en fenotypisch, historisch, narratologisch en literair aan het kruisen.
Iteraties, cycli, de mens en de natuur doorlopen ze eindeloos. Maar we leggen teveel de nadruk op onze eigen iteratie en denken niet na over de volgende. Tot het te laat is. Waarom nemen we kinderen?
In het kruisen ontstaat diversiteit. Niet alleen kruist Vanmechelen de kippen, ook de ruimte en de lokale geschiedenis en de mensen in de omgeving met dagjesmensen kruist hij. Hij is niet alleen op genetisch maar ook memetisch en epigenetisch en fenotypisch, historisch, narratologisch en literair aan het kruisen.
Iteraties, cycli, de mens en de natuur doorlopen ze eindeloos. Maar we leggen teveel de nadruk op onze eigen iteratie en denken niet na over de volgende. Tot het te laat is. Waarom nemen we kinderen?
In het kruisen ontstaat diversiteit. Niet alleen kruist Vanmechelen de kippen, ook de ruimte en de lokale geschiedenis en de mensen in de omgeving met dagjesmensen kruist hij. Hij is niet alleen op genetisch maar ook memetisch en epigenetisch en fenotypisch, historisch, narratologisch en literair aan het kruisen.
Ambassade van de Noordzee.
—> Het onderzoek naar Het Audement (2022) richt zich zowel op ruimtelijk ontwerp als op het vormgeven van praktijken die mensen in staat stellen beter naar niet-menselijke entiteiten te luisteren.
—> Zoals we ook moeten luisteren naar ons lichaam (Wouter de Jong / Gijs Groenteman). We staan op afstand van zowel onze eigen als de natuur buiten.
Route: https://www.ambassadevandenoordzee.nl/route-2030/
In de periode 2023 – 2026 bevindt de Ambassade zich in haar tweede fase: die van het spreken. Op dit moment zijn de eerste twee ‘rechten voor natuur casussen’ in Europa (In Spanje en Engeland) een feit en is er een debat in de Tweede Kamer over rechtspersoonlijkheid van het Waddengebied. Wij zien het als onze taak om dit debat te voeden met onderzoek, verbeelding en het van kritische noten te voorzien. In deze fase is het belangrijk om de nieuwe ecologische politiek die wij voor ons zien in de praktijk te oefenen. In de spreekfase continueren we ons onderzoek naar representatie, aan de hand van nieuwe onderzoeksvragen over de manieren waarop de Noordzee kan spreken in het publieke en politieke domein. Onze onderzoeken worden met methodieken uit verschillende disciplines – kunst, wetenschap, beleid, ruimtelijke ordening – uitgevoerd. Hieronder vind je een overzicht van de verschillende onderzoeken waar we sinds 2018 aan werken.
https://www.designdigger.nl/2021/06/23/geurkunstenaar-the-snifferoo/
Nat zand, zout en zeewier
Om Zeelucht echt goed te leren kennen vertelt Frank Bloem over het maakproces met een wandeling over het strand bij IJmuiden. Waarbij hij – heel opvallend – ook wijst naar de Hoogovens aan de overkant van de sluizen. “Daar heb ik uitgebreide reuksessies gehad.” Associaties als asbak, roestig metaal of kapsalon heeft hij vervolgens verwerkt in het parfum. “De Noorzeekust is meer dan nat zand, zout en zompig zeewier.” Zijn geur bevat zelfs een hint van paardenpoep. “In grote hoeveelheden ruikt dat vies maar op de achtergrond ervaren mensen het juist als prettig. Ook door de associaties die het oproept met een circus of het boerenleven.”
“Mijn parfum is een wandeling aan de Noordzee op een frisse lenteochtend.”
Smilde maakt wolken en legt die vervolgens vast op de foto, want ze zijn er maar even. Ze zijn ook op een onverwachte plek, zo maakt Smilde plaatsen van verwondering. Tijdelijkheid (temporality en impermanence) en (de)constructie zijn thema’s.
Het laat ons iets vergankelijks en ontastbaars zien. Tot 17 maart 2024 is in het Museum Gegenstandsfreier Kunst in Otterndorf in Duitsland werk van hem te zien in de afscheidstentoonstelling van Ulrike Schick. Een overzicht van “metgezellen” (Gefährten) in 32 jaar en 111 tentoonstellingen.
Weinberger geloofde in de spiritualiteit van planten. De plant als poëtisch gebaar. Weinberger werkt met fragiele sporen in de geschiedenis, het al te politiek op immigratie gooien lijkt onterecht. Natuur correspondeert met migratie en diaspora. Je moet met vreemdelingen (of hier: exoten) overweg kunnen, want alles beweegt overal naartoe. Het vreemde kunnen we dus niet uitbannen. Hij maakte een werk voor Documenta 1997: 100 meter exotisch “onkruid” over een stukje ongebruikte spoorweg. In 2015 is het werk gerestaureerd.
Onze temdrift kent geen grenzen: alles moet nuttig zijn. De ruimte is volledig op nut en rendement ingericht. Nederland kan dat als geen ander land. Natuur groeit uit zichzelf, kent geen ander doel dan zichzelf te ontplooien. Immanuel Kant noemt dit de innerlijke doelmatigheid. Het groeien is imperatief en zal gebeuren langs de lijnen van wat mogelijk is. Een natuurlijke structuur is ook altijd de meest efficiënte denkbaar. Er gaan geen esthetische overwegingen aan vooral. Wat zich buiten de motivaties van een denkend of voelend mens ontwikkelt is wat echt duurzaam is.
Weinberger zag zichzelf niet als een klimaatactivist of iemand die de milieukaart wilde spelen. Hij vond planten spiritueel, wilde zich niet binden aan een wetenschappelijk fundament. Hij noemde zichzelf een ‘agricultureel werker’. Planten op braakliggende terreinen vormden het vertrekpunt voor zijn oeuvre. De kunstenaar koos bewust voor wat hij zelf ‘tweederangsnatuur’ noemde, met een centrale rol voor wilde planten. Onkruid staat daarbij symbool voor de bedreigde vrije geest en voor het individu dat zijn eigenheid en verbeelding koestert, dwars tegen de norm in.
Tegenover de potplant dus: het onkruid.
Lois Weinberger : de planten gaan door waar wij ophouden. Denken in overdracht ipv individuen. “Onkruid”
Door de kunstmatige huid van de natuur heen, het membraan van cultuur, van temdrift.
In de trant van Richard Long: een lijn of breuk gemaakt in het stedelijk weefsel. De natuur barst door de stad heen. De stad barst open en de natuur toont hier haar dominantie. Enter de apocalyptische beelden van overwoekerde steden a la The Last of Us.
Sinds de jaren ’70 maakte Weinberger zich hard voor spontane vegetatie. Hij is tegen wieden. “Onkruid” heeft zijn sympathie. In zijn spontane tuinen brengt hij niks aan. Het ontstaat vanzelf. Hij laat de grond open voor het nieuwe, zegt hij. Dat nieuwe kan overal vandaan komen. Ik zie die schoonheid ook op mijn balkon, waar steeds weer dingen gaan leven ook al doen we er niks aan. Dat is de kracht van de natuur
Birthe Leemeijer (Amsterdam, 1972) vindt het ‘laten ontstaan van dingen’ belangrijk. Haar werk is plaatsgebonden, in voortdurende uitwisseling met omgevingsfactoren. Ze dringt graag door tot de essentie van een plek die ze, voordat ze tot een ingreep komt, intensief onderzoekt. Ervaringen zoals kijken, luisteren en laten gebeuren zijn voor haar belangrijke instrumenten. Ze maakte één van de fonteinen voor het project ’11 fountains’ in Friesland en haar project ‘L’Essence de Mastenbroek’ is zojuist opgenomen in de lijst van 100 Sleutelwerken in de openbare ruimte.
Dingen die niet onderhouden moeten worden, een suggestie van eeuwigheid.
Vanishing Staircase in het Zocherpark in Utrecht verbindt Centraal Museum met het water. De trap is ‘omgevallen’, de treden zijn naar beneden gekanteld. Tussen de treden van de trap groeien allerlei in Utrecht gekoesterde inheemse planten. In de loop der jaren zal de trap steeds verder door de natuur worden overgenomen. Mensen, planten en dieren zullen hun eigen manier de trap in bezit nemen.
Deze opdracht maakt deel uit van een serie samenhangende natuurvriendelijke maatregelen in en langs de Utrechtse singel (Stadsbuitengracht geheten) op initiatief van omwonenden en ecologen. Het initiatief startte eind 2013 toen bewoners groene ideeën konden indienen voor het Wijkgroenplan en Wijkwaterplan Binnenstad. Directe aanleiding waren de in 2012 door het waterschap aangelegde steile betonnen randen in de Stadsbuitengracht, onderdeel van het Zocherpark.
De trap moest dus verdwijnen in de plantjes, maar de plaatselijke groenvoorziening was onvoldoende op de hoogte en brandde op 22 april 201 de zaak schoon. Dat hedendaagse kunst een acquired taste is, soit, maar soms is het gewoon totaal onduidelijk wat het verschil is tussen “is het kunst of mag het weg?”
“Een medewerker van de gemeente Utrecht heeft het kunstwerk, de Vanishing Staircase van Birthe Leemeijer, beschadigd. Met een brander brandde de medewerker op 22 april [2021] de planten in de voegen van de ecologische trap weg, terwijl die niet weg moesten. Het was de bedoeling dat de natuur in de loop van de jaren de trap zou overnemen. Aan de stenen zelf is verder geen schade.
“Drie jaar werk in vijftien minuten verwoest”, schrijft bewonersgroep Vergroening Singel op hun Facebook-pagina. De trap werd de afgelopen jaren door vrijwilligers onderhouden. “Vergroening Singel030 heeft besloten niet bij de pakken neer te gaan zitten, maar te proberen de vrijwilligers weer te motiveren om de trap te herstellen. De rekening daarvoor zal bij de gemeente worden neergelegd.””
De Verdwijnende trap tussen de singel en het Centraal Museum werd in 2018 geopend. De treden zijn gekanteld en maar moeilijk te bewandelen. Het kunstwerk is een folly: een bouwwerk dat met opzet nutteloos is en voornamelijk dient ter decoratie. Het initiatief voor een kunstwerk kwam vanuit een groep omwonenden die graag meer biodiversiteit in en langs de singel wilden. Ecologen zochten toen passende planten uit. Samen met de bewonersgroep en de kunstenaar plantten zij in 2018 het eerste groen. Verschillende vrijwilligers begeleidden de afgelopen jaren het vergroeningsproces en deden het onderhoud.
Oktober 2025.
Ommuren en de mens er weghouden: rewilding
Moet opnieuw wild worden. Dus afblijven…?
Klimaatverandering en de zesde golf van wereldwijd soortenverlies noodzaken tot het ontwikkelen van offensieve strategieën voor natuur- en milieubescherming. Rewilding – wat we in deze bundel voorzichtig definiëren als het ‘meer ruimte geven aan natuurlijke processen’ – kan daaraan een bijdrage leveren. Maar is rewilding wel mogelijk in Nederland, een land waarin alles gepland, gereguleerd en geordend is; waarin de mens alles bepaalt?
— https://knnvuitgeverij.nl/artikel/rewilding-in-nederland.html (Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging)
David Claerbout, 2016, Olympia (The real time disintegration into ruins of the Berlin Olympic stadium over the course of a thousand years). Duokanaalsvideoprojectie, geen audio, looptijd 1000 jaar
David Claerbout, 2016, Olympia (The real time disintegration into ruins of the Berlin Olympic stadium over the course of a thousand years). Duokanaalsvideoprojectie, geen audio, looptijd 1000 jaar
David Claerbout : Olympia stadion.
Olympia, de nieuwste monumentale projectie van David Claerbout, is te zien bij
Schaulager. Olympia, een reflectie op tijd en perceptie, simuleert in realtime het
organische verval van het Olympisch Stadion in Berlijn. Aangevuld met actuele weergegevens en
de exacte stand van de zon in Berlijn, is de simulatie ontworpen om de komende
duizend jaar mee te gaan.
De Belgische kunstenaar David Claerbout heeft jarenlang digitaal
steen voor steen het imposante Olympisch Stadion van Berlijn gereconstrueerd. In maart 2016
gaf hij het over aan het natuurlijke vervalproces, waardoor zijn monumentale constructie sindsdien in realtime uiteenvalt. Het gesimuleerde verouderingsproces is
berekend voor de komende duizend jaar – een tijdsdimensie die elk menselijk
tijdsbesef ver te boven gaat.
David Claerbouts Olympia (De realtime desintegratie tot ruïnes van het Olympisch Stadion van Berlijn in de loop van duizend jaar) is een duizelingwekkende reflectie op tijd en
perceptie. Bestaande uit twee monumentale projecties, maakt het de tijdsstroom tot een bijna tastbare ervaring. Hoewel er oppervlakkig gezien weinig lijkt te gebeuren, onthult nadere beschouwing de subtiele transformatie van zowel het gebouw als de omgeving. Door
actuele weergegevens en de stand van de zon in Berlijn in zijn simulatie te verwerken, kan Claerbout bovendien zijn digitaal gerenderde stadion aan de elementen overleveren.
Als het regent in Berlijn, regent het ook in Olympia.
Bezoekers van Schaulager, dat gratis toegankelijk is, kunnen zich onderdompelen
in de meditatieve traagheid van een parallelle wereld. En omdat de laatste meteorologische en
klimatologische gebeurtenissen in Berlijn in de simulatie zijn verwerkt, regent het ook in Olympia als het regent in Berlijn; en als het daar sneeuwt, sneeuwt het hier ook. De ogenschijnlijk
realistische wereld van de projectie is echter volkomen verlaten; noch is er enige fauna te bekennen. De enige krachten die in deze kunstmatige wereld aan het werk zijn, zijn het weer en de groeiende vegetatie, die beide langzaam maar zeker aan het virtuele stadion knagen. "De eeuwige structuur van het stadion wordt het toneel voor de aanwezigheid van vluchtige elementen zoals
bewegende bladeren op de vloer, groeiend onkruid, fluctuerend licht en meteorologische
veranderingen", schrijft kunsthistoricus Steven Jacobs van de Universiteit Gent over dit nieuwste werk van Claerbout.
Terwijl de projectie in portretformaat slechts statische beelden toont van zowel het neoklassieke
complex zelf als van details van de vloer, het gras, de bomen en de beelden van atleten,
volgt de grotere projectie in landschapsformaat dezelfde, dromerige, een uur durende camerabeweging rond het stadion – een gebouw gebouwd voor brullende, juichende menigten, dat hier
griezelig stil en verlaten is. De duizendjarige looptijd van het project verwijst naar de aanspraak van het Derde Rijk op duizend jaar dominantie, de geest die de opening van het stadion in 1936 vormgaf. Claerbout zelf ziet Olympia met andere woorden als een poging om de teloorgang van een ideologisch construct in de loop der tijd te vergelijken met de biologische tijdschaal van de natuur en de levensverwachting van een enkel mens.
Botanisch stoepkrijten
7 mei 2020.
Over More than Weeds
"More Than Weeds" is een project dat onze perceptie van stadsplanten die op muren, stoepen of boomputten groeien, wil veranderen.
Geïnspireerd door het initiatief "Sauvages de ma rue" ("Wilde planten in mijn straat") dat in 2001 in Frankrijk werd opgericht, hoop ik de interesse in stadsflora te wekken door middel van begeleide wandelingen, sociale media en andere communicatie, tentoonstellingen en de publicatie van identificatiegidsen. Ik wil lokale overheden ook aanmoedigen om stedelijke biodiversiteit te omarmen en te leren hoe ze kunnen leven met planten die op stoepen, muren of in boomputten groeien, door ze op een duurzame en biodiversiteitsvriendelijke manier te beheren.
Ik hoop soortgelijke partnerschappen op te zetten met botanische en natuurbeschermingsorganisaties, evenals met lokale overheden en maatschappelijke organisaties.
Als u mij een beetje wilt helpen, of als u lid bent van een organisatie en geïnteresseerd bent in samenwerking, bezoek dan deze speciale pagina: Steun het project
Martin uit den Bogaard reduceert de dood tot controleerbare kunstwerken. Gebruik makend van karkassen, foetussen en andere objecten onderzoekt hij van naderbij het ontbindingsproces. Hij vertraagt dit proces door vogels, zoogdieren, reptielen, voedingswaren, beenderen en bloedstalen in luchtdichte glazen kasten te plaatsen.
Naast deze talrijke stukken, omvat de installatie o.a. een menselijke vinger, die tentoon gesteld is vóór het Archieflab. De wisselende stroom die in de karkassen overblijft, wordt gemeten door voltmeters die zijn aangesloten aan computers. Een speciaal hiervoor ontwikkeld programma registreert de fluctuerende elektrische impulsen en zet deze om in beeld en geluid. Dus telkens wanneer de voltmeter een ander voltage opmeet, genereert de computer steeds wisselende beelden en een zangtoon die varieert in hoogte. Deze opmeting en omzetting functioneert als symbool waarbij de concepten ‘leven’ en ‘dood’ niet langer als tegengestelden kunnen beschouwd worden. Meer nog: ze spelen op elkaar in. Zelfs wanneer de karkassen een laag voltage generen, blijft dit symbool uiterst krachtig.
Aangezien de kunstenaar op voortdurende zoektocht is naar het verschil tussen leven en dood, loopt het onderzoek van Martin uit den Bogaard nog steeds. Het werk roept niet alleen op tot metafysische reflectie, door de kijker zijn perceptie en ervaring te testen, maar het roept ook vragen op over artistieke conventie en receptie van kunst. Florent Bex stelde:
Met zijn niet geruststellende presentaties maakt Martin uit den Bogaard de toeschouwer als het ware medeplichtig en confronteert hem telkens weer met de eigen intieme ethische regels en normen. Door ze als kunstwerk te tonen schept hij weliswaar een zekere afstand tot het onderwerp, maar verplicht hij de kijker ook tot een andere en aandachtiger waarneming. Hij wijst ons tevens op de ambiguïteit van onze houding met betrekking tot de alteratie en het onophoudelijk veranderen: enerzijds zijn we geneigd alles zoveel mogelijk te behouden zoals het is, en anderzijds worden we gecharmeerd door de sporen van de tand des tijds. Met deze geritualiseerde transgressies, die fungeren als memento mori’s, meet Martin uit den Bogaard tenslotte het leven aan de dood.
Dierlijk bloed, chemicaliën, glas, staal, 1992-1993
Collectie Verbeke Foundation
Dit werk stelt Martin uit den Bogaard’s onderzoek naar de fysieke eigenschappen van bloed tentoon. Verschillende soorten chemicaliën werden gemengd met de bloedstalen ter onderzoek van de gedragingen van bloed in combinatie met andere vloeistoffen. Het resultaat van zijn onderzoek wordt weergegeven door middel van glazen panelen. Deze zijn langs achter belicht, opdat de kleurveranderingen, textuur en andere eigenschappen van het bloed in detail te zien zijn.
Website: Martin uit den Bogaard
Film: Cells, the movie, trailer
« Arjen Boerstra, NL º1967Pomodoro Bolzano »
Nederlands
English
Verbeke Foundation | Westakker 1 | 9190 Kemzeke | België info@verbekefoundation.com | +32 (0)3/789.22.07
Open Thursday to Sunday from 11 until 18h
Dood is heel normaal en eigenlijk onbestaand, want er blijven voortdurend dingen doorgaan.
Martin uit den Bogaard reduceert de dood tot controleerbare kunstwerken. Gebruik makend van karkassen, foetussen en andere objecten onderzoekt hij van naderbij het ontbindingsproces. Hij vertraagt dit proces door vogels, zoogdieren, reptielen, voedingswaren, beenderen en bloedstalen in luchtdichte glazen kasten te plaatsen. De wisselende stroom die in de karkassen overblijft, wordt gemeten door voltmeters die zijn aangesloten aan computers. Een speciaal hiervoor ontwikkeld programma registreert de fluctuerende elektrische impulsen en zet deze om in beeld en geluid. Dus telkens wanneer de voltmeter een ander voltage opmeet, genereert de computer steeds wisselende beelden en een zangtoon die varieert in hoogte. Deze opmeting en omzetting functioneert als symbool waarbij de concepten ‘leven’ en ‘dood’ niet langer als tegengestelden kunnen beschouwd worden. Meer nog: ze spelen op elkaar in. Zelfs wanneer de karkassen een laag voltage generen, blijft dit symbool uiterst krachtig.
Katinka Simonse, beter bekend onder haar artistiek pseudoniem Tinkebell, vergaarde in 2004 wereldfaam met haar kunstwerk ‘My dearest cat Pinkeltje’. Ze draaide de nek om van haar huiskat, die volgens haar depressief was, en maakte er een tas van. Waarom? Om de vraag op te roepen waarom het doden van dieren als koeien en varkens voor consumptie wel geaccepteerd is, en het doden van huisdieren niet. Oh, en zodat ze haar dierbare huisdier altijd bij zich kon dragen en Pinkeltje bij haar kon zijn. Het kwam haar op doodsbedreigingen te staan, wat direct de vraag oproept: is dat dan beter dan je kat vermoorden en er iets bruikbaars van te maken?
Tinkebell verzamelde fijnstof uit Wijk aan Zee en gebruikte dat als materiaal: op het doek legde ze een lokaal voorkomende plant, vervolgens spoot ze fixeer op het oppervlak en blies er het geoogste fijnstof overheen. Dat bleef plakken. Vervolgens nam ze de plant weg en de negatieve afdruk bleef bewaard. Ook dat negatief zegt iets over de afwezigheid van bepaalde natuur, of de overdrachtelijke afdruk die fijnstof op de omgeving maakt.
De kunstwerken uit de serie Flora Tata Metallica van TINKEBELL. bestaan uitsluitend uit deeltjes op canvas. De kunstenaar verzamelde dit giftige stof in de omgeving van de Tata Steel-fabriek bij Wijk aan Zee (NL) door het met magneten en een zeef uit het zand te halen. De resulterende 'schilderijen' zijn bedrieglijk mooi en laten ons precies zien wat de enorme fabriek uitstoot en in onze longen terechtkomt.
Dit heeft niet alleen invloed op de mensen, maar ook op de vegetatie; de witte vormen in de stukken zijn negatiefafdrukken van de weinige soorten planten die op dezelfde plek in de vervuilde grond overleven.
Kankerverwekkend in de IJmondstreek, misselijkmakend voor de kunstenaar. Het zwarte stof op het doek is echter een lust voor het oog van het publiek. Op zaterdag 14 mei in het jaar 2022 opent bij TORCH Gallery de tentoonstelling Flora Tata Metallica met een nieuwe serie werken van kunstenaar TINKEBELL.
Een jaar lang TINKEBELL. bezocht regelmatig de duinen van Wijk aan Zee, vlak naast de omstreden fabriek van Tata Steel. Hier schepte ze zand en verzamelde bloemen en planten: het basismateriaal voor Flora Tata Metallica. Vervolgens ging ze bijna dagelijks urenlang met een magneet door het zand om het fijne en grove stof uit die fabriek af te zuigen. Pijnlijk werk.
Maar het echt verontrustende deel van het proces kwam daarna, toen ze de enorme hoeveelheden zwart Tata-stof over de bloemen blies die ze op canvas drapeerde. Het inademen van de fijnstof die ook in Wijk aan Zee door de lucht zweeft gaf TINKEBELL. regelmatige hoofdpijn, misselijkheid, duizeligheid en frequente bloedneuzen.
Dit is typerend voor de werkwijze van de kunstenaar: alles doen om een verhaal te vertellen dat verteld moet worden, zonder enige concessie te doen. In Flora Tata Metallica maakt TINKEBELL, met directe gevolgen voor haar eigen gezondheid, een extreme hoeveelheid schadelijke uitstoot pijnlijk zichtbaar door de volledig in Tata-stof gemaakte negatieve prints van flora die nog steeds overleven in het zwaar vervuilde gebied rond de fabriek.
Een afschuwelijk verhaal, mooi in beeld gebracht.
Het giftige witte strand van Toscane: Solvay in Livorno en de spiage bianche.
https://galleryviewer.com/nl/kunstwerk/76279/arena-candidus-solvay-33
https://www.bloomberg.com/graphics/2022-italian-beach-tuscany-coast-solvay-dumping/
Dan het verval op monumentale schaal. Deze citroen is gemaakt in twee maanden en bedekt met 10.000 kralen en stenen.
Het is een dialoog tussen het schone en het groteske. Kathleen Ryan (Santa Monica, 1984) maakt van glazen kralen stukken rijpe vruchtenschil. Het rot maakt ze met duurdere edelstenen. Hoewel de schimmel het verval is, is het ook het meest levende deel van de vrucht, zegt ze.
Rot leeft het meest, beweegt, ontwikkelt. Plastic beweegt niet, leeft niet. Is statisch. Er ontwikkelt zich niets uit. Dingen die dood gaan produceren meer dan dingen die amper leven.
Les Deux Garcons : de natuur naar de hand zetten, esthetiseren. Mooimakerij. En de lelijke dingen verbloemen.
“Morbide neo-rococo.”
Hier is taxidermie een techniek met materiaal dat de natuur ons schenkt. Mooie dingen maken en er de lelijkheid van de dood mee verbloemen is eigenlijk ook rococo. Ze gebruiken veel tweelingen, bouwen siamezen, om innerlijke tegenstellingen in beeld te brengen. Een belangrijke is het feit dat Roel Moonen en Michel Vanderheijden van Tinteren in katholieke kringen in Zuid-Limburg opgroeien maar homoseksueel zijn en die combinatie is niet vanzelfsprekend. Het is theatraal katholiek, pompeus Frans, maar ook moraliserend: de natuur is onder mensenhanden opnieuw in elkaar gestoken, als een Frankenstein. Een voorbeeld van hoe de mens met zijn omgeving omgaat en de natuur objectificeert, esthetiseert en synthetiseert.
Je kunt je zorgen om het vuil ook concreet aanpakken.
Iris de Kievith en Annemarie Piscaer hebben Lab Air geïnitieerd, een samenwerkingsverband gericht op het zichtbaar en ervaarbaar maken van de abstracte problemen die zich in de lucht afspelen – fijnstof, stikstof, CO2. Hun eerste project is Servies. In 2018 is het project gelanceerd op de Dutch Design Week in Eindhoven. Sindsdien groeit het netwerk van steden waarin het project is ontwikkeld als Smogware. Annemarie en Iris werken vanuit een overlappende interesse voor materiaal (her)gebruik en omdat zij de noodzaak zien van een gezondere leefomgeving. Iris met het belang van de mens en de omgeving, Annemarie vanuit het belang dat alles ingezet kan worden als materiaal, zelfs onzichtbare stofdeeltjes.
https://www.ser-vies.nl/luchtkwaliteit/
Hoe kom je aan het spul, waar je van af wil? Om te beginnen wordt de grondstof van het glazuur verzameld, het fijnstof. Op plekken waar stofdeeltjes neerslaan en niet wegwaaien of -regenen, bijvoorbeeld onder viaducten, kan de bekende zwarte aanslag gemakkelijk verzameld worden. Dat lukt het best als oppervlakken hard en glad zijn zoals tegels of randen van metaal. Op intensief vervuilde plekken kunnen soms schrikbarend grote hoeveelheden bij elkaar geschraapt worden. Handig gereedschap hiervoor is een (bio afbreekbaar) kunststof kaartje en opvangbakje, handschoenen en natuurlijk een mondkapje. Let op de windrichting, laat de wind het stof van je af waaien.
Het ‘geoogste’ poeder wordt gebruikt als basis voor het glazuur. Het enige dat wordt toegevoegd is een transparant glazuur als medium. Verder worden geen (kleur)stoffen toegevoegd. Van de verschillende bestanddelen van fijnstof zijn het voornamelijk de metalen zoals koper- en ijzerdeeltjes die de kleur bepalen.
Fijne zandkorreltjes versmelten in de oven tot een glaslaagje, de essentie van glazuur. Een deel van de stoffen die in de lucht hangen zijn dan ook gebruikelijke grondstoffen voor keramisten.
Letterlijk: U heeft hem voor mij behouden. Zorg ervoor dat hij u van dienst is.
De "il" en de "l" verwijzen beide naar de voet. Wie weet heeft de heilige maagd ervoor gezorgd dat de voet niet hoefde worden geamputeerd, en schenkt de patient het orgaan na zijn of haar dood aan de maagd, bij wijze van reliek.
Waar ons geknoei met mens en technologie toe leidt fascineert ook Patricia Piccinini (Sierra Leone, 1965). Haar werk is wel bekend en berucht om het onbehagen dat het bij het publiek opwekt, ook al ogen haar sculpturen op zich onschuldig. Het probleem is dat ze op mensen, dieren en dingen tegelijk lijken. Het zijn hybride wezens. Haar werk is een onderzoek naar de onbekende gevolgen van ons ingrijpen in de natuur en de eventuele distopische scenario’s die eruit volgen.
In haar werk verkent ze vaak het grensgebied tussen de menselijke wereld en de natuurlijke wereld, en onderzoekt thema's zoals biotechnologie, genetische manipulatie en de relatie tussen mens en dier. Ze stelt vragen over onze verantwoordelijkheid ten opzichte van de natuurlijke wereld en roept op tot een dieper begrip en mededogen voor andere levensvormen.
Graham is het evolutionaire antwoord op de technologische mens. Hij is zo vormgegeven dat hij de grootste kans heeft een autoongeluk te overleven., , Graham is in eerste instantie een aansporing om na te denken over verkeersveiligheid, maar hij geeft natuurlijk ook aan hoe ongeschikt we zijn voor de moderne wereld, in onze huidige staat. Enerzijds oogt dit resultaat behoorlijk onwenselijk, als een schrikbeeld, anderzijds lijkt het een eventueel serieuze maatregel om ons te verbeteren. Het schemergebied tussen wat kan of moet en wat niet wordt hiermee zichtbaar gemaakt.
“Wie bent u geworden onder invloed van technologie? En welke wereld willen we maken met zijn allen?” — Amy Karle, The Future Human, 2019
Amy Karle (New York, 1980) werd geboren met ontbrekende schedeldelen en huid en is daarom geïnteresseerd geraakt in het lichaam en de groei ervan. Ze verkent wat het betekent om mens te zijn in een dialoog tussen kunst, design, wetenschap en technologie. Ze maakt werk uit het lichaam of lichaamseigen onderdelen.
Op basis van de intelligentie van stamcellen ontwierp ze “Regenerative Reliquary”, een uit biologisch materiaal geprinte structuur in de vorm van een menselijke hand. De structuur vergaat over tijd terwijl stamcellen van een volwassen donor er overheen groeien met bot en weefsel.
De houder is niet minder dan een foedraal voor een reliek. Traditioneel verwijzen relieken naar het religieuze leven na de dood, maar Karle toont ons de wetenschappelijke variant. Hoe wij met ons vertrouwen in de moderne wetenschap die dood zouden kunnen overwinnen of passeren, hoe we nieuw leven maken. Daarmee tonen we ons superieur aan de natuur: we zijn onze eigen scheppers geworden.
“I don’t want to predict the future, I’d like to envision its greatest potential and then works toward that.”
“Wie bent u geworden onder invloed van technologie? En welke wereld willen we maken met zijn allen?” — Amy Karle, The Future Human, 2019
Amy Karle (New York, 1980) werd geboren met ontbrekende schedeldelen en huid en is daarom geïnteresseerd geraakt in het lichaam en de groei ervan. Ze verkent wat het betekent om mens te zijn in een dialoog tussen kunst, design, wetenschap en technologie. Ze maakt werk uit het lichaam of lichaamseigen onderdelen.
Op basis van de intelligentie van stamcellen ontwierp ze “Regenerative Reliquary”, een uit biologisch materiaal geprinte structuur in de vorm van een menselijke hand. De structuur vergaat over tijd terwijl stamcellen van een volwassen donor er overheen groeien met bot en weefsel.
De houder is niet minder dan een foedraal voor een reliek. Traditioneel verwijzen relieken naar het religieuze leven na de dood, maar Karle toont ons de wetenschappelijke variant. Hoe wij met ons vertrouwen in de moderne wetenschap die dood zouden kunnen overwinnen of passeren, hoe we nieuw leven maken. Daarmee tonen we ons superieur aan de natuur: we zijn onze eigen scheppers geworden.
19 januariLes 3: Ruimte & Beleving : Deze lezing onderzoekt hoe kunstenaars met ‘ruimte’ werken: van drukke winkelstraten tot monumenten met een beladen geschiedenis.
Niet alleen monumenten, functie(scheiding) en -facilitatie maar ook veiligheid. ‘Rubbertegels’.
Kunstenaar legt zich neer bij vernietigen ‘onveilig’ beeld in Emmeloord: ‘Ik weet niet wat ik moet doen’
Kunstenaar Sjoerd Buisman (74) uit Haarlem verzet zich niet langer tegen het vernietigen van zijn beeld Kubistische Fossielen in Emmeloord. ,,Ik laat het verder aan de gemeente Noordoostpolder over’’, zegt hij. ,,Ik weet niet precies wat ik moet doen.’’
Herre Stegenga
30 december 2022, 14:53
Buisman reageerde vorige week gepikeerd toen hij hoorde dat de dagen van zijn kunstwerk pal voor het gemeentehuis geteld zijn. Het voldoet niet meer aan de veiligheidseisen, volgens de gemeente Noordoostpolder. De ‘fossielen’ bestaan uit een kubusachtige figuur en een gat in de grond van dezelfde afmetingen. Het is óók ontworpen als speelplek. Je kunt erop klimmen of erin zitten.
Het kunstwerk is in 1992 aangekocht door het A.D. van Eckfonds. Bij het opheffen van dit fonds in 2010 kwam het in handen van de gemeente Noordoostpolder. De gemeente heeft eerder al besloten om verlichting aan te brengen in de kuil. In 2018 ging Noordoostpolder met Buisman in gesprek over het aanbrengen van veiligheidsmaatregelen, zoals een hekje, maar daar wilde de Haarlemmer niks van weten.
In beton gegoten
Het verplaatsen van het kunstwerk betekent simpelweg het verschuiven van het probleem. Daarom ziet de gemeente, die aansprakelijk is voor de veiligheid in de open ruimte, geen andere mogelijkheid dan het weg te halen. In de praktijk betekent dat vernietigen, zei een woordvoerster. ,,Het is letterlijk in beton gegoten, je kunt het niet zomaar uit de grond halen.’’